Van alle testen is de nitraatmeting het meest lastige en de meest onnauwkeurige.
De onnauwkeurigheid van NO3‑testen is niet zo bekend bij hobbyisten. Met gaat er vanuit dat de meetresultaten correct en betrouwbaar zijn. Maar deze onnauwkeurigheid van het tetsten op nitraat is een optelsom van chemische, praktische en ontwerptechnische beperkingen.
Nitraat is chemisch lastig kleurreactief te maken. De meeste druppeltesten gebruiken een reductiereactie: NO3 moet eerst worden omgezet naar NO2, en pas daarna kan het worden gemeten via een kleurreactie. Dat betekent: Twee chemische stappen → twee foutbronnen.
Reductie is gevoelig voor temperatuur, schudden, wachttijd. Kleine variaties geven grote kleurverschillen. Dit bij elkaar is dé kern van de onnauwkeurigheid.
2. Kleuraflezing door mensen is extreem variabel
Zelfs bij perfecte chemie: de kleurkaart is grof (bijv. 10–25–50 mg/L). Lichtkleur beïnvloedt de waarneming.Onze ogen zijn slecht in het onderscheiden van rood‑roze nuances. NO3 testen zijn berucht omdat hun kleurgradaties dicht bij elkaar liggen.
3. Reagentia verouderen snel waardoor de actieve stoffen in nitraattesten sneller oxideren en ontleden dan bij andere tests. Gevolg: oudere tests geven structureel te hoge of te lage waarden Zelfs nieuwe tests kunnen al deels gedegradeerd zijn door opslagcondities bij de verkoper.
4. Interferentie door andere stoffen in aquariumwater
Aquariumwater bevat: organische zuren, humuszuren, fosfaten, spoorelementen, kleurstoffen van hout of bladeren. Deze kunnen de kleurreactie beïnvloeden of de reductiestap verstoren.
5. NO3 testen zijn ontworpen voor hobbybereik, niet voor precisie.
De meeste commerciële tests zijn: goedkoop. Visueel gericht op 'ongeveer goed' i.p.v. exact. Ze zijn niet bedoeld voor wetenschappelijke nauwkeurigheid. NO3 testen zijn prima voor trendmeting maar ongeschikt voor absolute waarden en zelfs een verschil van ±10 mg/L is een veel voorkomende afwijking! Een meting van onder de 10 ppm wordt de foutmarge zo groot dat de test bijna nutteloos wordt.
Je moet meer vertrouwen op de berekeningen van je recept, je dosering en verbruik, de reactie van de plant, waterwisselregimes en EC meting.