The Small Planted Tank

Het vermeerderen van fissidens - mijn ervaringen

Dit artikel is meer een soort van blogverhaal over mijn ervaring met het vermeerderen met Fissidens.

Fissidens zijn in de regel lastig te verkrijgen. Van de globaal 95 verschillende soorten voor onze bakken worden er maar een handjevol commercieel aangeboden via webshops.
De meest bekend is de Fissidens Fontanus, gevolgd door Nagasaki, de Mini, Nobilis, Splachnobroides, Fox, Miroshaki en de Taiwan.
Er is ook best wat wildgroei in soortnamen. Sommige verkopers geven een soort een eigen naam uit commerciële motieven. Want als je iets nieuws op de markt brengt heeft dit zo haar voordelen natuurlijk.
En niet vergeten de spelfouten. Zo zijn Fissidens  Honyonochi, de Hontonoichii en de Hottonoichi hoogstwaarschijnlijk dezelfde soortjes

Determinatie is moeilijk, dan wel vrij onmogelijk zonder geoefend oog. Feitelijk word de determinatie gedaan via een microscoop.
Om een voorbeeld te geven: ik had een 4 tal soortjes gekocht bij een internationale kweker. Toen ik na een paar maanden foto's opstuurde van de opkweek vroeg ik hem naar de soortnaam.
Hoe groot was de verbazing dat ik van 3 van de 4 soortjes de namen totaal anders waren dan ik ze had gekocht...

Het houden van Fissidens is in het algemeen een vrij dure hobby en veel soortjes worden gewoon per 10 stengeltjes verkocht. Ik zag laatst een advertentie van een hobbykweker die 50 soortjes Fissidens verkocht voor 300 euro.
Ze worden aangeboden in verschillende vormen van opkweek; matje, steentje, cupje en zelfs per stengeltjes worden ze te koop aangeboden.
Prijzen variëren enorm. Voor een matje van 5x5cm betaal je 10,- tot 14,- Een steentje van 2x2 betaal je €5,- Maar je hebt ook 7cm cupjes voor €2,50 Een zeldzame Fissidens zoals de Fissidens Sulawesi kost al snel 4,25 per 8 stengeltjes van een halve cm...

Opkweken is iets waar je veel geduld mee moet hebben. Redelijk wat kennis van zaken moet bezitten en zeker een dosis geluk moet hebben.
Fissidens soortjes zijn niet de gemakkelijkste mosjes om te kweken en zeker niet om te vermeerderen.
Nu gaat dat met het ene soortje gemakkelijker als met het andere
De meest bekende en beste verkrijgbare is ongetwijfeld de Fissidens Fontanus, minder bekend onder de naam Fissidens geppii
Eigenlijk vreemd omdat het best een lastig mosje is. Het heeft redelijk veel licht nodig en ook CO2. In gasvorm dan wel te verstaan, tegen de vloeibare versie kan die namelijk slecht tegen.

Ikzelf koop mijn mosjes, en Fissidens in het bijzonder, bij verschillende semi professionele hobbykwekers in het buitenland.

Mijn laatste bestelling had ik gedaan in Oekraïne.
Daar word van een cluster met Fissidens in de submersde vorm (onderwatervorm) een aantal stengeltjes gehaald en in een klein doorzichtig zipzakje gedaan met de naam erop.
Vervolgens ingewikkeld met kranten, in een doosje verpakt  en opgestuurd via de reguliere post. Deze waren een dag op 10 onderweg omdat het vanuit Oekraïne via Polen naar Nederland komt.

Dan te hopen dat alles het goed heeft overleefd, garantie op transportschade word er namelijk niet gegeven.

Afhankelijk van de grootte van het mosje sta je voor de keuze: moet ik ze gaan opbinden, lijmen, vastklemmen of gaan fragmenteren.
Als je een steeltje hebt van 2 cm kun je ze makkelijk opbinden. Maar als het stengeltje kleiner is dan 0,5 cm is dan gaat dat bijna niet lukken.
Dan blijft het fragmenteren en opkweken via een drystart de enige oplossing.

Als dat eenmaal is gebeurt moet je hopen dat de mosjes de transitie doorkomen van hun onderwatervorm naar de bovenwatervorm.
Dat betekend veel zorg, benevelen, niet te warm, niet te koud, juiste hoeveelheid licht, regelmatig benevelen met een plantenspuit, soms wat voeding erbij vernevelen en dan is het kwestie van geduld tot ze groot genoeg zijn om onder water te worden gezet.
En als je dan na een paar maanden ziet dat de mosjes er goed doorheen zijn gekomen en zich al een beetje hebben vermeerdert dan komt de volgende stap: ze weer laten transformeren naar de onderwatervorm.
En dat betekent weer de juiste waterwaarden, CO2, juiste bemesting, juiste lichtintensiteit en lichtduur.
En... alles in het werkstellen om alg te voorkomen.verspreiden door je bak. En sommige mossen kunnen echt gaan woekeren of overal aan vast groeien als het vrij door je bak heen zweeft...
Alg in je mos is funest; dan krijg je enorm veel werk om daar van af te komen. Bestrijden met carbo gaat niet omdat de celstructuur van mosje erg dun en teer is.
Het heeft namelijk geen beschermende culticula (laag) en het blad bestaat maar uit 1 of enkele lagen cellen en het heeft geen vaatstelsel.
Daarom kunnen stoffen direct door de celwand heen dringen. Dat is ideaal om voeding op te nemen, maar chemische stoffen (zoals carbo) kunnen dus ook binnendringen en het mosje laten afsterven. Dus bij alg zal je dagelijks alles handmatig moeten weghalen of zelfs stukken moet wegknippen. Voorkomen is dus allertijden beter dan genezen.

Als dan de mosjes goed zijn aangeslagen en gegroeid gebeurt het gehele ritueel weer van voor af aan; knippen, fragmenteren, uitsmeren en in een transparant bakje onder de folie op een lichte plaats. Dat uitsmeren kan in principe overal op, maar het beste blijft het om een ondergrond te hebben wat goed  vocht vasthoud. Mosjes kunnen namelijk niet tegen uitdroging.

Normaal gebruikte ik Terra Tape. Een soort zelfklevende, vocht-vasthoudende plakband.

Maar testen met sommige katoenen sport - /verbandtape geven eigenlijk dezelfde resultaten: ze zijn elastisch, zelfklevend en houden water vast.

Op Ali hebben ze 10 rollen van 5cm breed en 4,5 meter lang voor 4,50 euro. In elke kleur. Lichtbruin, donkerbruin en zwart hebben uiteraard de voorkeur.


Zelf gebruik ik graag platte inerte steen om de tape omheen te wikkelen. Soms zet ik het extra vast met een paar drupjes secondelijm.

Met hout werken doe ik alleen bij het beoogde eindresultaat, dus als ik genoeg mosjes heb om een stuk hout te bedekken. Bij de opkweek en vermeerdering wil ik niets in mijn bakje wat organisch afval kan afscheiden, zoals hout. Want organisch afval geeft een verhoogde DOC (opgeloste organische koolstof) en daar zijn algen dol op.

 

Het komt ook voor dat ik een stukje sporttape gebruik in de vorm/ grootte van het item wat ik wil laten begroeien. Als dan het mos volgroeid is haal ik het met tape en al van de steen af en lijm dat op de plek waar ik het wil hebben. Het is dus feitelijk een matje begroeid met mos.
En aangezien je het tape in alle kleuren kan krijgen valt het niet op als het eenmaal op het hout gelijmd is of omwikkeld of vastgezet met garen.

En tot slot de waterwaarden die ikzelf gebruik als ze eenmaal onderwater staan:

- 100% osmose, gereminialiseerd met KH/GH tot een TDS van 150
- mosjes zijn epifyten dus gebruik ik een kale bodem
- CO2 - 15ppm
- Low Light - 20 lumen per liter
- lean-dose bemesting via de waterkolom
- temp 22 graden
- waterwissel van 20% per weerk


Hieronder het resultaat van de 5 stengeltjes uit het Zip zakje

 

Ik ben Corné - Passioneel Aquascaper - Friskijker - Kennispartner - Crohntje - Shihan - Koffiezetter - Vleugje Zen - Verzameld geluk

Copyright © 2018-2024 Cornelius  - TSPT.nl   -   All Rights Reserved